Een dag meelopen in een achterstandswijk

Chiel Peters, AOF-projectleider, liep een dag mee bij Gezondheidscentrum Holendrecht. Een achterstandswijk... of toch niet? Volgens de systematiek van de NZA is de wijk Holendrecht formeel geen achterstandswijk. Er is te veel groen in de wijk waardoor er een te lage adressendichtheid is. Voor Chiel een reden te meer om juist hier een dag mee te lopen. Lees hieronder zijn verhaal. 

's Ochtends maak ik kennis met Sandra Groot, coördinator van het gezondheidscentrum, en Linda Timmer, huisarts. Al snel wordt duidelijk dat de bezetting een probleem is. Door het vertrek van enkele huisartsen komt er veel op het bordje van de huidige artsen, assistenten en ondersteuners. Waarnemers kunnen niet alle vrijgekomen taken oppakken en belangrijker nog: het vinden van goede huisartsen is lastig in een wijk als deze. Werken in een achterstandswijk vraagt vaak meer van de huisarts en om dit vol te houden is betrokkenheid met deze populatie een must.

De GAZO heeft gelukkig veel gedreven personeel, zo ook Sandra. Zij heeft op diverse plekken gewerkt in Amsterdam maar werkt met veel plezier in Holendrecht omdat hier de huisartsenzorg zo duidelijk het verschil maakt voor mensen met meer gezondheidsproblematiek. Hierbij helpt haar achtergrond als assistent waardoor zij het werk goed begrijpt en in kan vliegen als het nodig is. Door de taken iets meer te differentiëren en te verdelen ontstaat meer tijd voor de huisarts om zich te focussen op de primaire huisartsenzorg. Maar nog steeds is er veel hieromheen wat gedaan moet worden, er zijn nog zo veel verbetermogelijkheden. Zo is de samenwerking met het Amsterdam UMC goed, maar geeft Linda aan dat met wat meer tijd en ruimte in de praktijk er ook meer diagnoses en behandelingen in de wijk kunnen plaatsvinden. 

Niet alleen de huisartsen hebben het druk, ook de apotheker en zelfs sommige patiënten. Zo is er een patiënte van bijna zestig in de praktijk die twee fulltime banen heeft om het huishouden draaiend te houden. Door het vele staan heeft ze last van haar knieën. Omdat ze geen tijd heeft om langs te komen bij de huisarts of de fysiotherapeut heeft ze zelf een brace gekocht. Onlangs belde ze ons om te vragen of deze dan wel vergoed wordt. Hieruit blijkt wel dat het niet alleen voor huisartsen lastig is om tijd te vinden om het werk beter te organiseren. 

Op de fiets terug naar huis realiseer ik mij nog meer hoe belangrijk het werk van de huisarts is, overal maar met nadruk in achterstandswijken. Hier zijn kansen om gezondheidsverschillen te verkleinen door juist meer te doen, iedereen heeft immers recht op gelijke zorg. Ik besef mij tegelijkertijd ook hoe verkeerd sommige ‘systeemprikkels’ zijn en leiden tot juist tegenovergestelde effecten. De hoeveelheid administratie, de weinige tijd het vele overleggen en de zware complexiteit benadrukt dat hier meer nodig is dan in meer reguliere huisartsenzorg. Het bevestigd voor mij het doel van het AOF en om daaraan te mogen bijdragen door waar het kan het werk van huisartsen te verlichten en te ondersteunen!

- Chiel Peters -